26 mei 2021 t/m 24 oktober 2021

Bas van Beek

Moord en brand

Bas van Beek, Simulacra (Hacking IKEA), 2008, steengoed, porselein, kunststof, h 48 cm, collectie IKEA museum. Foto: Leo Veger / Platform21

Hoe exclusief is design eigenlijk en waarom zou je designklassiekers niet mogen kopiëren, aanpassen of uitbreiden? Het zijn dit soort vragen die ontwerper Bas van Beek (1974), winnaar van het Stokroos Keramiekstipendium, bezighouden. Zijn werk, dat zich begeeft op het snijvlak van vormgeving, architectuur, beeldende kunst en commercie, doet nogal eens stof opwaaien en dat is precies wat hij wil: discussies ontketenen over de status van hedendaags én historisch design. Van Berlage tot Disney en van wegwerpartikelen tot beroemde oeuvres; Van Beek kopieert, verbouwt, vult aan, breidt uit en geeft ze allemaal hetzelfde podium in zijn eerste museale overzichtstentoonstelling. 

In designland Nederland is Bas van Beek een vreemde eend in de bijt. In tegenstelling tot anderen begint hij nooit met een leeg vel papier, maar borduurt hij voort op dat wat reeds bestaat. Het toe-eigenen en transformeren van andermans ontwerpen, is voor hem essentieel, een strategie om de status van erfgoed te bevragen en een manier om dit erfgoed te laten voortleven en van nieuwe betekenis te voorzien. 


Zaaloverzicht tentoonstelling Bas van Beek – Moord en Brand. Uit de serie JVDV 2014-2017.

Het zwaartepunt van de tentoonstelling in Kunstmuseum Den Haag ligt op Van Beeks werk in keramiek en glas, oftewel ‘de kunsten van het vuur’ zoals oud-museumdirecteur Hendrik Enno van Gelder ze ooit heeft gedefinieerd en die aan de basis liggen van de collectie toegepaste kunst van het museum. De ondertitel Moord en brand is een knipoog naar deze omschrijving alsook naar de bewust provocerende werkwijze van de ontwerper die regelmatig ‘vadermoord’ pleegt door bestaande ontwerpen naar zijn hand te zetten.

Originaliteit versus reproductie
Zo boorde Van Beek in 2008 een discussie aan over de waarde van Dutch Design door de vaas die de Nederlandse ontwerper Hella Jongerius voor IKEA ontwierp te combineren met een van de goedkoopste vazen uit het assortiment van het Zweedse megaconcern (Simulacrum (Hacking IKEA), 2008).  Als verbindingsmateriaal paste hij verpakkingstape toe met de boodschappen ‘breekbaar’ en ‘fragile’, wat nog eens een expliciete verwijzing was naar twee andere vazen van Jongerius: de Long Neck en Groove Bottles.

Met de serie Rip-offs uit 2005 leverde Van Beek eveneens kritiek op het fenomeen Dutch Design dat volgens hem steevast vol pretenties in de markt wordt gezet en daardoor de valse indruk wekt van exclusiviteit. Hij reproduceerde tien ontwerpen van anderen (van een via eBay gekochte Empire Strikes Back-theepot tot bekende ontwerpen van onder anderen Wieki Somers en Dick van Hoff), voorzag ze van een monochrome autolak-laag in de standaard kleuren van een CMYK-printer en bood de objecten te koop aan voor een eenheidsprijs van 95 euro. “Designers verwijzen continu naar elkaar zonder hun bronnen te onthullen”, aldus van Beek. “Dat doe ik wel. Dit gaat over originaliteit en de discussie daarover in de kunstwereld.”


Bas van Beek, uitvoering Jingdezhen Pottery Factory, Missing Link, 2010, porselein, h 14 cm, collectie Design Museum Den Bosch. Foto: Pieter Vandermeer. 

Visueel aantrekkelijk en gelaagd
In de tentoonstelling is ook nieuw werk te zien, waaronder een koffieservies dat Van Beek, ondersteund door het keramiekstipendium van Stichting Stokroos, speciaal voor Kunstmuseum Den Haag heeft ontworpen. Het servies is gebaseerd op stukken uit de collectie van het Kunstmuseum én andere museale collecties. Onder meer een jaren-20-inktpot van De Bazel en een jaren-60-vliegtuigservies naar ontwerp van Joe Colombo en Ambrogio Pozzi hebben model gestaan voor de drie modulaire kop-en-schotels (espresso, koffie en cappuccino). De kop-en-schotels, die gedecoreerd zijn met gestileerde ornamentontwerpen van Berlage, zullen in de loop van 2021 ingezet gaan worden in het museumcafé. Daarmee wordt Van Beeks wens gevolgd om iets te ontwerpen voor een museumcollectie dat “niet alleen voor het depot” bestemd is.

Het koffieservies is een onvervalst Van Beek-product: visueel aantrekkelijk en gelaagd. Inmiddels heeft hij een omvangrijk oeuvre opgebouwd van in het oog springende ontwerpen, waarbij het origineel altijd nog in de achtergrond doorechoot. Het overzicht in Kunstmuseum Den Haag biedt bezoekers verrassende handvatten om historische voorwerpen, in het bijzonder de twintigste-eeuwse collectie keramiek en glas van het museum, met andere ogen te bekijken.

Bas van Beek - Moord en brand is de eerste in een reeks van keramiekstipendia die Kunstmuseum Den Haag in samenwerking met Stichting Stokroos de komende jaren organiseert. De tentoonstelling wordt verder mede mogelijk gemaakt door Cor Unum Ceramics en het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie.