Het terras

mini-tentoonstelling

Het is vaste prik. Bij de eerste zonnestraal die het begin van de lente zou kunnen betekenen, trekt de Nederlander en masse naar het terras. Vooral stedelingen stormen hun voordeur uit als koeien die eindelijk weer de wei op mogen. Het liefst in een eigenlijk nog te dun zomerjasje en een enkeling zelfs al dapper in korte broek en op teenslippers. We snakken naar het einde van onze winterslaap en willen weer onder het genot van een hapje en een drankje naar voorbij struinende mensen kijken. Eigenlijk is het nog te koud, maar dat heeft ons nooit tegengehouden. Overigens staan we als Nederlanders niet alleen in onze obsessie met buiten aan een tafeltje zitten. Parijzenaren genieten het hele jaar door van hun aperitief en Gauloises onder terrasverwarmers. Dit jaar moeten we meer geduld hebben dan ooit voordat we weer het terras op mogen. Maar gelukkig kunnen we ons via de fotografie toch naar buiten transporteren. 

Menig fotograaf heeft het fenomeen vastgelegd. Waar anders kan je zo mooi een dwarsdoorsnede van de maatschappij zien, die je bovendien ook zo goed stiekem kan vastleggen. Zoals op deze foto van Johan van der Keuken (1938-2001), die hij maakte toen hij als jonge filmstudent in Parijs woonde. Zijn tijd in de Franse hoofdstad heeft hij gebundeld in het weergaloze fotoboek Paris Mortel (1963); het toont niet de romantische fantasie van Parijs, maar de dagelijkse werkelijkheid door de lens van een jonge kunstenaar die zich geïsoleerd en eenzaam voelt. De dame op de foto is zeer elegant. Ze heeft een mooie jurk en handschoentjes aan, parels om haar nek en een paraplu op tafel. Ze lijkt zich er niet van bewust dat ze wordt gefotografeerd. Ze kijkt in gedachten verzonken weg, haar hand op haar glas gevuld met – vermoedelijk – pastis. Haar uitstraling is melancholisch, wat verder wordt benadrukt door het lege terras om haar heen. De kijker gaat zich afvragen wat deze ogenschijnlijk chique dame ertoe heeft gebracht om zo in eenzaamheid te verkeren. Hoewel het een portret van een ander betreft, zien we hier de gemoedstoestand van de maker perfect in gereflecteerd. 

Johan van der Keuken, Zonder titel, Parijs, 1956-1958. Collectie Kunstmuseum Den Haag.

De generatiegenoot van Van der Keuken, Eddy Posthuma de Boer (1931), treft in Middelburg in 1969 ook een niet al te vrolijk stel mensen. Het koppel in de voorgrond ziet eruit alsof hun huwelijk wat  hen betreft al een aantal jaar te lang heeft geduurd. In tegenstelling tot de melancholische uitstraling van Van der Keukens beeld, weet Posthuma de Boer vooral de humor van de situatie vast te leggen. Dit komt ook door het rijke kleurgebruik en de stralende zomerzon die op de mensen valt. De vrouw kijkt van achter haar zonnebril verveeld de verte in, steunend op een arm. De man heeft zijn biertje vast alsof het zijn laatste redmiddel is. Het jonge stel in de achtergrond heeft een ietwat bezorgde blik op hun gezicht: is dit wat de toekomst ons gaat brengen? Posthuma de Boer toont zich hier een buitengewoon documentair fotograaf die altijd de meest sprekende situaties weet te vinden. 

Eddy Posthuma de Boer, Een biertje of een patatje op een terras in Middelburg, 1969. Courtesy Torch Gallery.

Gerard Fieret (1924-2009) was iemand die altijd op straat te vinden was. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er meerdere terrastaferelen in zijn oeuvre te vinden zijn. Zijn favoriete onderwerp was de vrouw, en het terras de ideale plek om haar in het wild vast te leggen. In tegenstelling tot de geportretteerden van Van der Keuken en Posthuma de Boer lijken de jonge vrouwen op deze foto wel door te hebben dat ze worden gefotografeerd. Ook zien we linksboven een man die zijn kant uit kijkt en zich bewust moet zijn van de camera. Fieret was immers niet iemand die de confrontatie uit de weg ging. De rechterdame kijkt de lens in. De vrouw in het midden, die haar shirt heeft uitgedaan om haar al behoorlijk gebruinde bovenlijf verder te kleuren, oogt wat ongemakkelijk. Fieret stempelde en signeerde zijn prints aan de voorkant, zodat er geen twijfel over kon zijn wie de foto had gemaakt. Hier zien we dat hij het waarschijnlijk ook als een stijlmiddel gebruikte: hij heeft de vrouwen op links en rechts bestempeld, zodat je oog nog verder wordt getrokken naar de vrouw in haar beha of bikini in het midden. 

Gerard Fieret, Zonder titel, 1965-1975. Collectie Kunstmuseum Den Haag.

 

Deze mini-tentoonstelling is samengesteld en geschreven door Willemijn van der Zwaan, conservator fotografie.