07 april 2020 t/m 10 mei 2020

A.R. Penck - How it works

Een onderzoek naar de visuele methode van de kunstenaar

A.R. Penck, How it Works, 1989, acrylverf op doek, 340 x 340 cm, Galerie Michael Werner.

 

A.R. Penck (pseudoniem voor Ralf Winkler, 1939 – 2017) was na de Tweede Wereldoorlog een van de Duitse kwartiermakers van een nieuwe artistieke mentaliteit. Vandaag is hij vooral bekend om zijn Streichholzmännchen: een figuurtje met ledematen als harken, dat steevast is omgeven door pictogrammen, cijfers en letters. Pencks grof gekwaste beeldtaal geeft uitdrukking aan zijn afkeer van culturele en politieke systemen, maar heeft ook een onderzoekende en intuïtieve kant. Het komt allemaal aan het licht in een bijzondere overzichtstentoonstelling met bijna tweehonderd werken, waaronder zelden getoonde schilderijen en tekeningen.

De tentoonstelling in Kunstmuseum Den Haag laat zien dat de in Dresden geboren kunstenaar zijn hele leven bezig was het medium schilderkunst te onderzoeken. Hij werd hierbij niet gedreven door systematiek en rationele verhalen, maar juist –ogenschijnlijke- chaos en gevoel waren de drijfveren. Hij was er in elke tekening en in elk schilderij op uit een puur visuele ruimte te scheppen waarin de fantasie kan gedijen en de kijker zich kan verliezen.

Na zijn vertrek uit de DDR in 1980 – hij ging eerst naar Keulen, toen naar Londen en Ierland - kreeg Penck de beschikking over alle mogelijke verfsoorten, verschillende soorten dragers, een rijkdom aan materialen. Een explosie aan werk volgde in de jaren ’80. Hij ging ook signeren met andere namen, zoals Mike Hammer, T.M. en Y. Wat opviel in de manier van tekenen en schilderen was dat er vijf verschillende types ontstonden: een abstracte stijl waarin tekens domineerden; een figuratieve stijl, waarin karikaturale beeldvormen overheersten; een puur automatische tekentrant; een illusionistische manier van werken en een destructieve aanpak. Penck voelde zich in al die uitdrukkingsvormen thuis, liefst ook gelijktijdig. Niet altijd was en is goed meer aan te geven of een motief, of een beeldelement realistisch, poëtisch, catastrofaal of gewoon grappig is.

Bij de tentoonstelling verschijnt een catalogus in het Engels/Duits, uitgegeven door Walther König.